
GROEI
en BIOLOGIE![]()
De baarzen die voor onze kust rondzwemmen zijn afkomstig uit het Engelse Kanaal, waar zij overwinteren. Rond half april zijn ze normaal gesproken al in Zeeland vangbaar aan de hengel. De meer noordelijk streken zullen minstens nog een maand moeten wachten op hun 'aankomst'. De zeebaars kan 1.10 m lang worden bij een gewicht van zeker 20 pond.
Er bestaat nog een 2e soort zeebaars, de "spotted bass", maar deze is soort blijft relatief klein en is niet interessant voor de sportvisserij. Ze worden wel eens gevangen, maar zijn niet algemeen langs onze kust.

In de Engelse wateren bestaan de scholen uit enorme hoeveelheden baarzen van dezelfde jaarklassen. Uiteraard zijn de scholen oudere baarzen kleiner van omvang. Er zijn scholen waargenomen met een lengte van meer dan 1 1/2 kilometer lang. Heel lang is onbekend gebleven waar de baars precies afpaait, maar nu zijn de paaistekken inmiddels gelokaliseerd Dit is ook meteen de grootste dreiging die de zeebaarsstand bedreigt. De beroepsvisserij heeft zich meteen 'gemeld' om de baarspopulatie wel even weg te vangen. Dit resulteert in vangsten van 100en tonnen(!) paairijpe baars en tot overmaat van ramp wordt er af en toe zoveel aangevoerd, dat de kostbare sportvis verwerkt wordt tot veevoer! De Engelse organisatie
B.A.S.S. doet er echter alles aan om de zeebaars uit te roepen tot 'gamefish' en zet zich volledig in voor het behoud van de huidige bestanden. Men heeft berekend dat de economische belangen van de sportvisserij op zeebaars in Engeland, die van de beroepsvisserij verre overstijgen! Je kan daar wat doen met 1 miljoen zeevissers nietwaar! In Holland heeft een dergelijke vereniging helaas geen bestaansrecht. De mentaliteit van de Nederlandse sportvisser is niet te vergelijken met die van de Engelse sportvisser. Helaas. Klikt u de link eens aan en kijk eens hoe deze Engelse vereniging werkt.
GROEI![]()
Tabellen en een groeicurve kunt u vinden onder
ONDERZOEK De zeebaars groeit in onze Nederlandse wateren sneller dan in de Franse en Engelse wateren. Kennelijk is hier meer voedsel voorradig of/en is het voedsel calorierijker. Let wel: dit tabelletje is slechts een richtlijn. Er zijn net zoveel lange/ magere baarzen als korte plompe baarzen! We kunnen wel zien dat de baars een trage groeier is en daarom toch wel vatbaar is voor overbevissing, zeker als de beroepsvisserij zich ermee gaat bemoeien!Er is een duidelijk verband tussen grotere groei en hogere watertemperaturen. We hebben de laatste jaren een jaarlijks gemiddelde hogere temperatuur gehad en hieruit is de goede baarsstand van het moment te verklaren. Zachte winters en warme zomers resulteerden in goede jaarklassen. Men neemt aan dat baars in een soort winterslaap gaat als de (water)temperatuur onder de 4.5 gr daalt. Het afpaaien gebeurt bij een temperatuur van zo'n 16 gr. Een temperatuur tussen 13 en 22 graden ervaart hij als prettig, met 16 gr als een ideale temperatuur. Bij een temperatuur groter dan 22 gr, houden de grote baarzen (> 50 cm) het voor gezien; de kleinere baarzen kunnen deze temperatuur beter verdragen over een langere periode.
ZINTUIGEN
Ogen.
Een zeebaars kan behoorlijk vraatzuchtig zijn en zijn voornaamste hulpmiddel hierbij zijn de ogen. De ogen zijn relatief groot in verhouding tot zijn kop: 16 tot 23% van de lengte. Ondanks dat hij ook gebruik maakt van andere zintuigen zoals reuk en gevoel, wordt de definitieve aanval bepaald door wat hij ziet. De ogen kunnen zich goed aanpassen aan diverse omstandigheden en ze kunnen vanuit alle hoeken alles goed in de gaten houden: onder of boven hun prooi, hij ziet alles goed. We zouden de ogen van de baars kunnen vergelijken met menselijke ogen. De pupillen kunnen zich aanpassen aan diverse lichtomstandigheden doordat zich er twee verschillende lichtgevoelige cellen in hun ogen bevinden; de zogenaamde staafjes en kegels (rods en cones). De aanpassing gebeurd op eenzelfde wijze als in het menselijk oog. Vissen met alleen de zgn. 'cones' worden inactief in het donker, maar de baars duidelijk niet en hij aast des te meer gedurende de nacht. Helder water en zonnig weer geven de baars een ongekend scherp zicht en je zult derhalve je trukendoos wijd open moeten doen om ze toch te verleiden. Toch is de vis enigszins bijziend omdat ze de spieren rond de ogen missen om de "lens te stellen".
Reuk
Het is bekend dat vissen goede ruikers zijn; de haai bv staat bekend om zijn enorme reukvermogen, maar ook de zeebaars is een zeer goede ruiker. Uiteraard is dit ook een belangrijk zintuig, daar de zichtomstandigheden niet altijd goed zijn. Zeebaars houdt van ondiep water en vooral in Nederland, met altijd wind en branding betekend dat vaak modderig/zanderig water. De meeste vissen hebben één paar neusgaten; de baars heeft twee paar neusgaten. De baars heeft dus een constante "doorstroming" en is zo in staat beter te ruiken.

De twee neusgaten zijn hier duidelijk zichtbaar.
Voelen/horen.
Het is bekend dat geluid verder draagt in en onder water en ook onze baars doet daar zijn voordelen mee. Hij is in staat om meer geluiden op te kunnen pikken dan wij. Zijn gehoor beslaat een zeer wijde "bandbreedte". Een vis heeft wel degelijk oren, als zijn ze niet als zodanig zichtbaar; ze bevinden zich in de schedel net achter de ogen. Het geluid wordt doorgegeven door de graten en door het visvlees en omgezet als een elektrische puls, die door de baars wordt geassocieerd met voedsel, gevaar etc. Daarbuiten kunnen de meeste vissen beschikken over de welbekende zijdestreep; een serie horizontale kanaaltjes over de hele zijkant van de vis. Deze streep vangt voornamelijk de lage frequenties op. Voor de zeebaars functioneert deze streep voornamelijk om de richting van het geluid te lokaliseren een soort richtingzoeker dus.
Smaak.
Een baars kan goed smaken onderscheiden; zoet, zuur, zout en bitter kan hij onderscheiden. Het eerder genoemde reukorgaan is eigenlijk een lange-afstandsbepaler van geur, de smaak ondergaat hij pas op korte afstand van zijn 'prooi'. Vooral bij het vissen met natuurlijk aas is dit een belangrijk gegeven. Een stuk rotte inktvis wordt opgevangen door de reuk, maar de baars besluit het aas niet te pakken als hij eenmaal dichterbij is gekomen en het aas daadwerkelijk proeft met zijn smaakzintuig. Dit is een factor om rekening mee te houden wanneer we gaan vissen met dood aas of diepgevroren aas!! De m.i. goede volgorde in aasaanbieding: 1: levend aas, 2: vers dood aas, 3:"vers" bevroren (levendig) aas, 4: bevroren dood (oud) aas.
MENTALITEIT en PIKHAKEN![]()
Ik blijf ervoor pleiten om zoveel mogelijk zeebaars terug te zetten. Zeker de kleinere baarsjes, die nu zo massaal worden meegenomen zijn toekomstbepalend voor sommige regio's.Zie de baars als sportvis en niet als het middel om een nieuwe keuken te financieren. Uiteraard kunnen wij vissers nooit een serieuze bedreiging vormen voor de baarsstand, maar een beetje respect t.o.v. deze supersportvis mag wel eens getoond worden. Neem alleen baars mee voor eigen consumptie. Ikzelf zet 90 procent van mijn baarzen terug en ik neem slechts de baarzen van ± 50 cm mee voor eigen consumptie. Grote baarzen mogen verder voor het nageslacht zorgen.

Deze baarsjes moeten terug!!
Laat ook die afgrijselijke (roestige) pikhaak nu eens thuis en schaf een grofmazig landingsnet aan. Er wordt wat 'afgehakt' met dergelijke pikhaken en dat verdient de baars niet. Met een beetje oefening is een baars gewoon in de bek of achter de kieuwen te pakken, hoewel we wel even moeten opletten op de stekels van de baars!
DE BAARSGREEP
Let op de stekels!!
Doodt een baars die voor eigen consumptie geschikt is direct en laat hem niet een uur creperen onder het oog van wandelaars, vogelaars en andere toeschouwers. Een beetje respect, dat is alles wat er van u gevraagd wordt.......
ONDERZOEK![]()
De Engelse stichting B.A.S.S. doet al enige tijd onderzoek naar de leefgewoonten, groei en trekroutes etc. van de zeebaars. Op verzoek van Zeehengelsport en B.A.S.S. en het Engelse CEFAS (het Engelse ministerie van Landbouw en Visserij, verzamel ik gegevens en schubben van, door Nederlanders, gevangen zeebaarzen. Mocht u ook uw steentje willen bijdragen, dan kunt u een 10 tal schubben van een (dode) zeebaars aan mij toesturen, vergezeld van de volgende gegevens:
- Vangstdatum
- Gewicht, lengte, maaginhoud, vrouw(kuit) of man.
- Kunstaas- of natuurlijk aas, boot- of kantvisserij en allerlei andere bijzonderheden die u nog kwijt wilt.
Maakt u vooral geen baarzen dood, t.b.v. dit onderzoek. Wilt u een baars weer levend terugzetten, dan volstaan 4 schubben! U kunt de schubben sturen aan het volgende adres: R.Sehr Planetenweg 323 1974 LW IJmuiden.